martes, 8 de julio de 2008

‘El amor para la Michelada Cubana y la famosa pirámide más amplia del mundo, o sea un día en Cholula..’

Wat ze die nacht nog allemaal hadden uitgevreten in de caseta van Ramon, was is me tot op heden nog een groot raadsel, maar ik weet wel dat toen ik vanochtend weer fris en fruitig de trap afliep naar de keuken op zoek naar iets eetbaars, dat de ravage niet te overzien was. De gehele Red Bull collectie lag door het huis, overal lagen speelkaarten, en de bekende huisvoorraad alcohol was zo goed als op. Op een luxe fles met een geel etiket ‘President’ na dan. Opeens kreeg ik een flash- back van een huisfeestje toen ik achttien werd en plotseling merkte ik onder een felle deken met een lelijke clown erop, een beide slapende Alan en Laura op die van de kussens van de beige sofa een heus bed hadden gemaakt. Ik liep de voordeur uit en zette hem op een kier om zo weer naar binnen te kunnen lopen, om vervolgens naar de buurtsuper te lopen voor een koffie dat op een steenworp afstand van het huis lag. Op mijn weg naar de winkel passeerde ik een tiental aan vrolijke Mexicaanse eetkraampjes die naast elkaar op het trottoirs opgesteld stonden. In mijn linkerooghoek, merkte ik eveneens een enorm gebergte waar rook uitkwam, waarover Ramon mij later liet weten dat het dorp aan de voet van de vulkanen ‘Popocatepetl’ (5452 m) en de naastgelegen ‘Iztaccihuatl’ (5286 m) lag, in de volksmond ‘Popo’ en ‘Izta’ genoemd. Volgens de legende was Popocatépetl “rokende berg” een strijder die verliefd was op Iztaccíhuatl “slapende vrouw/blanke vrouw”, een wonderschone Azteekse prinses. Zij dacht dat haar minnaar in een veldslag was gesneuveld en stierf van verdriet. Toen Popocatépetl levend terugkeerde, legde hij haar lichaam op de heuvel naast de plek waar hij nu zelf staat, wakend over haar als een eeuwige schildwacht. Als je goed kijkt zie je ‘Itza’ de vorm van een op haar rug liggende vrouw. Ik keerde terug naar het huis dat net aan het ontwaken was, het was inmiddels al bijna drie uur, en dat we het huis zouden verlaten om ergens in het centrum wat te gaan eten. Ramon nam ons mee naar een volgens mij redelijk goed restaurant, dat onder een soort van prieel aan het Zócalo van Cholula, ‘los Jarrones’ was de naam. Ik bestelde een gerecht dat Mole Poblano de Guajalote heette, een traditioneel gerecht van Azteekse kip in een saus van chili en chocolade, dat ik gewoon moest proberen volgens onze gids voor vandaag. Na een grap met het toetje van Almohada, maakten we aanstalten om de stad een beetje te verkennen, en we kruisten het grote Zócalo om vervolgens een kerk van binnen te gaan bezichtigen. Op het plein maakten we nog kennis met een echte Don compleet met hoed, die op een soort van schoonsteentje zat te bellen.
Toen gebeurde het onvermijdelijke wat tot nu toe tijdens elke reis wel een keer voorkwam: Een van de teenslippers van Tineke was losgegaan waardoor het op niet meer leek dan een zool met wat draden eraan. Gelukkig wees Ramon ons op een plek in de buurt waar veel Artesanías hun waren hadden uitgestald en legde ons hoopvol uit dat er op iedere hoek van de straat wel een paar nieuwe slippers te vinden waren. Zo gezegd zo gedaan; en Tineke kwam naar buiten met een paar slippers waar zelfs Moctezuma nog over getwijfeld zou hebben, maar goed, we konden onze weg voort zetten naar ’s werelds grootste Precolumbiaanse piramide van Cholula, (450 m bij 450 m) gewijd aan de Azteekse Godheid Quezatlcoatl, waarop een kerk stond, gebouwd door de Spanjaarden in de koloniale tijd. Na een korte aarzeling van de groep, maakten we de rondleiding door de smalle gangen van de piramide met een gids die ons al lopend de legendes van de oude beschavingen predikte. Na de rondleiding in en om de piramide, nam de gids afscheid en was de rest van de groep al eigenlijk te moe (ondanks dat ze pas net twee uur wakker waren) om ook nog maar één stap naar boven richting de kerk te zetten, waarna ik doorliep alsof er niets aan de hand was zonder ook maar iets van het geklaag te horen, waarna ik me vervolgens zeer verrast omdraaide en werkelijk het hele Equipo Jalapeño en Ramon achter mij de trappen opstrompelden. Met Laura en Alan achteraan wellicht. Het uitzicht boven, over de stad Puebla was overweldigend en door de heldere dag lagen ook de rokende ‘Popo’ en zijn ‘Itza’ kranig naast elkaar in het ruige berglandschap. We daalden af richting het huis, zonder de onvergetelijke Oxxo over te slaan, en werden de speelkaarten bij elkaar geraapt om vervolgens
weer ‘Happy King’ te gaan spelen.

No hay comentarios: