Mostrando entradas con la etiqueta Argentina 2010. Mostrar todas las entradas
Mostrando entradas con la etiqueta Argentina 2010. Mostrar todas las entradas

sábado, 22 de mayo de 2010

Balazos y Miguelitos

San Juan. Exact twaalf uur ’s nachts..Vijf harde klappen en ik voel de Andesmar bus slingeren. Enkele seconden later staan we stil. De twee chauffeurs snellen door de bus en vragen ons direct de blauwe gordijntjes te sluiten. Britt kijkt me verschrikt aan als ik uit het badkamertje kom. Een doos met alfajores ligt compleet verspreid door de bus. En een fles whisky. De geur is ondragelijk. Even is het chaos en één van de chauffeurs komt naar beneden gerend om te vragen of we misschien uit willen stappen, we moeten wachten. Het ziet er troosteloos uit. De parabrisas zijn gebroken doordat de bus is bekogeld met stenen, en één van de voorbanden is volledig plat. Terwijl de rest van de bovenverdieping naar buiten dromt besluiten Britt en ik in de bus te blijven. De daders moeten niet ver van ons vandaan zijn. Plots slaakt iemand een kreet aan de voorkant van de bus en de menigte buiten wordt onrustig. plotsklaps schoot er een zwart busje voorbij. Het was de zesde steen, die het hoofd van één van de chauffeurs raakte… de wanorde neemt toe en enkele passagiers zoeken naar hun plek terug in de bus. Anderen vervingen het wiel aan de andere kant zodat we tenminste verder konden rijden. Een uur later hervatten we onze weg richting Salta gepantserd door enkele politie busjes uit Mendoza. Ik viel in slaap.
Caucete, provincie Mendoza. 9 uur ’s ochtends. Ik ving op dat er werd gestaakt en dat de ruta 40 geblokkeerd is. We staan weer stil. Over twaalf uur kunnen we pas verder. De chauffeur hebben ze toch maar naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis gebracht. Ik baalde als een stekker, want vrijdag hebben we de bus naar de woestijn van Atacama. Dat wordt niet slapen in Salta willen we de excursie naar Cafayate nog meemaken. Ik vroeg de Argentijnse jongen naast mij of ik met zijn telefoon mocht bellen om een reservering te maken. En we wachten…
Een paar dagen geleden besloten we de bus naar Mendoza te pakken. Het stond op mijn lijstje zijnde het wijngebied van Argentinië. Echter viel het ontzettend tegen. Het was er koud, lelijke vlaktes en een grote rotzooi. Het leek meer op één groot industrieterrein. We besloten en fietstocht in Maipú langs de bodega’s te maken bij mr. Hugo. Een oud mannetje die fietsen verhuurd, compleet met kaart en tips waar heen te gaan. De eerste stop was een klein fabriekje dat chocolade, olijfolie en marmelades produceert. Je kon er dingen proeven. Met de vier meiden uit alle uithoeken van de aardbol deden we een wijnproeverij bij de familia Di Tomasso, en lunchten we bij Tempus Alba. Twee bodegas die op de route lagen. Het was een enige fietstocht, gezellige met enkele meiden uit allerlei windrichtingen maar daar lieten we het bij. Ik hoorde van de nieuwsberichten dat de pas Mendoza- Santiago de Chile al enkele dagen geblokkeerd was vanwege de sneeuw in de Andes. Te paard de Andes over dan?.. ni pensar.. Dat zou geen man noch paard overleven..vandaar dat we in de bus terug naar noord- argentinie zitten om daar de grenzen over te gaan.
En ook nu zitten we hier weer vast in een bus. De Argentijnse jongeman naast verteld me net dat er geen andere chauffeur meer beschikbaar is vanuit Mendoza. Het lijkt erop dat we helemaal niet verder gaan… Het gezicht van Britt staat inmiddels op onweer. Wanneer zullen we weer in Salta zijn? Laat staan San Pedro de Atacama..? ‘Solo Dios sabe cuando’ zucht Diego..
Wordt vervolgd…

Historias Salteñas; Gauchos, Parillas y Vino..

Noord Argentinië is eigenlijk als een heel dik boek, waar je in enkele dagen alleen maar een enkel hoofdstuk van kan hebben gelezen. Dus dit noem ik dan maar het voorwoord. Ik heb namelijk de afgelopen week de meest prachtige verhalen gehoord dat ik niet weet waar ik beginnen zal. Dus vandaar dat ik me er ook niet aan hebt gewaagd want ik weet niet of er wel woorden voor te vinden zijn die de dingen beschrijven die ik beleef. Natuurlijk zou ik een lang verhaal kunnen schrijven over hoe de Nazca plaat ooit de andere plaat raakte en zo het meest overweldigende landschap vormde dat je het je bijna niet kan voorstellen. Enorme breuken en scheuren in de aarde. Of over de gekleurde bergen in de Humahuaca, in diezelfde Cordillera de los Andes die ooit ontstonden toen de oceaan langzaam wegstroomde van het continent. Net zoals de zoutvlaktes trouwens waar je gewoon magische foto’s kan maken. Maar dan kan je natuurlijk ook gewoon discovery channel kijken. Dus misschien over de bodega’s in Cafayate en het amfitheater van la pacha mama zelf waar iemand spontaan een gitaar pakt en waar je de meest fantastische akoestiek hebt. Over de parilla’s (barbecues) in het familie hostel in Salta of in el ‘Viejo Jack’. Over samen de was doen met de meest hartelijke vrouw die je maar kan voorstellen. Over Justo. Over dansen met de gaucho’s die een uitdagende Argentijnse vlag om hun middel dragen. Over Adobe huisjes en indianenverhalen. Over alfajores, dulce de leche en fantasmas in la finca. Maar ook over Britt die dacht dat Milagro het paard was in plaats van de gaucho zelf, en hem vriendelijk vroeg of ze het betreffende paard mocht berijden. Het herentoilet inlopen. Of over Marcos, de oudste Argentijnse versierder die er bestaat, en over de gidsen Pablo en Guillermo.. ongelofelijk... het blijven latinos, is de conclusie die ik iedere keer weer trek. Maar echt.. ik heb zoveel veel verhalen, namen gehoord en verzameld, dat ik niet weet hoe ik het een plek moet geven. And so the same eigenlijk voor mijn rode backpack.. alleen die heeft helaas wel zijn beperkingen, el pobrecito..

De afgelopen dagen, - na urban Buenos Aires en tropical Puerto Iguazu - hebben we ons vooral bewogen in en rondom Salta & Jujuy, de noordelijkste provincies van Argentinië. Het is de stad van zilver en leer, paarden en gaucho’s. Ook kan je er al beetje de Boliviaanse spirit voelen door de kleine inheemse dorpjes en de namen daarvan in quechua, één van de vele indiaanse talen. Onvoorstelbaar hoeveel verschillen Argentinië heeft maar Salta is werkelijk prachtig. Omdat het onmogelijk was om de Andes over te komen bij Mendoza te paard, - één van mijn sueños locos - besloot ik de oude weg van de generaal Guëmes te rijden in het noorden van Argentinië, een tocht van enkele dagen door de bergen. Ik verbleef met mijn reismaatje, die nog uit Bariloche moest komen in een schilderachtig familiehostel in Salta. ’s Ochtends werden we opgehaald door Gonzalo en Milagro, de twee gaucho argentinos waarmee we de tocht zouden maken. De Finca, en dat is ietsje kleiner en persoonlijker dan de grote estancia, lag op een uurtje van Salta. Het bleek een oud klooster uit het jaar achttienhonderd dat jaren lang leeg heeft gestaan. Ze waren het klooster nog steeds aan het restaureren maar het woongedeelte was al zo goed als af. Er waren nog mensen aan het werk. Serene en schuwe mensen. De meeste van hen waren salteños of uit de dorpen daar om heen en een enkele Boliviaan vertelde Milagro. Ze praaten niet en ze buigden hun hoofden als ze langs ons liepen.
Op de Finca hadden ze hadden zo’n 23 paarden, maar toen we aankwamen zagen we er enkel een paar. Door mijn verbaasde blik schoot één van de mannen in de lach, we moeten ze ook eerst nog halen. Halen? Ze bleken naar de buurman te zijn gelopen. De paarden moesten ergens in de bergen lopen dus we zijn ze gaan zoeken. En echt, toen ik de lasso’s zag moest ik eigenlijk wel weer een beetje lachen. ¿Sabes cómo..? ’Sí señor’… Gelukkig hebben we ze uiteindelijk alleen gebruikt om de kudde vooruit te jagen en terug brengen naar de Finca en sloten we de hekken maar. Met twee man, en twee vrouw, weliswaar. Na de parilla, zijn we de onze tocht begonnen naar het huis waar ooit de generaal is gestorven. Het schijnt dat zo’n 4000 gauchos elk jaar op 7 juni, zijn sterfdag vanuit Salta de pelgrimstocht naar zijn huis maken om hem te herdenken. Onderweg vertelden we elkaar verhalen, en leerden ze ons liedjes en coplas die ook ter afleiding werken, want ook al is rijden in deze stijl best wel fijn door de dikke wollen dekentjes waar je op zit, je begint de kou van de avond toch echt in je botten te voelen. Maar ‘s Avonds was er gelukkig een groot vuur, eten en heel mooi uitzicht. Ook ruilden we later af en toe van paard. De ene is namelijk de andere niet, en ze bewegen allemaal op een andere manier. Die afwisseling is verstandig., want aan het einde van de dag, na 6 uur aan één stuk bijvoorbeeld, durfde ik bijna niet van het paard te springen omdat alles zo pijnlijk was, dat ik dacht dat ik alle spieren zou scheuren…


Zo vervolgende we onze weg. ’s Ochtends was het fris maar tegen elven was het lekker tot een uur of drie, en daarna koelde het weer af. Af en toe leek het alsof er geen weg was door de takkenbossen en doornen struiken waar we langs of doorheen moesten, of blokkades door omgevallen bomen of keien. En nee, zonder (kleer)scheuren kom je er zelf ook niet vanaf. Het laatste stuk, een brede zandweg, hebben we onze spullen gedumpt, zodat we het laatste stuk naar het huis konden galopperen. Ik had geluk met La donosa, de Argentijnse criollo merrie met Arabische bloed. Ze was de snelste. En dan bedoel ik écht zo ongelofelijk snel dat ik bijna spijt had dat ik niet iets van een skibril op had. De laatste honderd meter liep een riviertje en omdat het paardje niet meer voortijdig te stoppen was, - wel te houden overigens - gingen we vol door het water heen. Maar eigenlijk dat zo goed! Britt en el rosillo zag ik vlak achter me hetzelfde te wachten staan. ’s Avonds hebben ze met een krakkemikkige radio nog iets van de lokale folkore en het weer geluisterd, een fles wijn leeggemaakt en zo hard met Milagro gelachen dat ik denk dat ik daar ook weleens spierpijn van kon hebben…


Liefs uit Argentina

miércoles, 12 de mayo de 2010

Puerto Iguazu; Grandes Aguas & Caipirinhas


Het was zeker een mooie naam. Dat wel. Het zou ongetwijfeld de naam van een godin moeten dragen. Ik weet dat ze zichzelf beschermt door haar harde schild met turkooizen afwerkingen, en haar ranke ledematen laten haar snel en gracieus over het gouden koord dansen. Rustig wacht ze tot het moment waarop ze haar wapens zonder genade in kan zetten. Maar ze neemt rustig de tijd….


Ik zag het spinnebeest bungelen toen ik omhoog keek tijdens de Sendero Macuco (trail) in het Iguazu national park. De Nephila, en echt daar niks romantisch aan. Werkelijk waar. Waar onze gids in een groene zakkenbroek het ding de hemel in prees tijdens een tocht door de jungle zou ik het liefst de stofzuiger pakken en dit natuurschoon willen opzuigen. Eveneens zonder genade. Het leven is hard. Wat zag het ding er vreselijk beangstigend uit, en van mij mocht de 4x4 tour met gids op dde trail met zo’n 80 kmph door de jungle crossen. Gaan met die banaan. Maar verder was het mooi. Mooie bomen, bijzondere planten en dieren. We reden verder door het park tot dat we de rivier bereikten waar een grote raftingboat op ons wachtte. O mi Dios, ik had Buenos Aires nog niet eens verwerkt. De boot zou ons dicht bij de Iguazu watervallen brengen. Naar de kleine saltos chicos, saltos Eva y Adán, salto weet-ik-het-wat, en salto-botti-nog-iets maar ook de enorme Garganta del Diablo; de keel van duivel… en die vergeet je niet zo snel.


Dit duivelse strot, het hoogtepunt van de Iguazu watervallen op de grens van Paraguay, Argentinie en Brazilie was de hele week gesloten geweest vanwege de heftige regenval van de voorgaande weken. Het water in de rivieren Paraná en Uruguay zou te hoog staan en het was niet veilig genoeg om de watervallen via de aangelegde ijzeren brugwerk te bezichtigen. Die dag hadden we geluk. Het werd net geopend en we waren de eerste die het gat in de aarde mochten bezichtigen. Met een Amerikaan die ik ontmoette in het Marco Polo hostel ruim voorop, (mocht de boel het toch begeven hou ik overzicht ;) en een schattig Iers stelletje achter mij betraden we toch maar de brug en naderden we de poorten naar de hel. En echt, ik zou niet weten hoe ik dit neer moet schrijven toen ik naar beneden keek wat ik daar zag. Alle woorden uit het Nederlandse woordenboek samen komen dan enigzins in de buurt..gigantisch, kolosaal, enorm, buitengewoon geweld(ig). Als je daar staat voel je je als mens werkelijk niks meer. Zo’n vijftien minuten lang heb ik de brute watervallen aanschouwd vanaf het stenen platform dat via de bruggetjes bereikbaar was, en toen vond ik het weer tijd worden voor het vasteland. Enfin, het avontuur met de oranje raftingboot moest nog beginnen. Het meisje in het hostel had ons al gewaarschuwd dat we compleet zeiknat zouden worden dus had ik een extra stel kleren en mijn bikini onder een jurkje aangetrokken. Het duurde misschien een half uur varen over de Paraná voordat we de watervallen naderden en de kapitein ons waarschuwde dat we de camera’s en rugzakken in de waterdichte zakken moesten stoppen. De rest van de bootmannen met serieuze gezichten hezen zich ook een nauw gesloten groen regenpak en ik trok de riempjes van het oranje reddingsvestje strakker aan, terwijl ik me aan de reling vastklampte. Het water werd steeds wilder en de boot butste over de draaikolken in de rivier.. dit is niet zoals de wildwaterbaan in de Efteling.. maar serieus. Ik hoorde de mensen in de boot juichen toen we de watervallen naderden.. En daar kwam het. De boot gaf nog één keer vol gas vooruit toen ik mijn ogen gedwongen moest sluiten en mijn handen zich strak aan de reling vasthielden. Ik voelde van alle kanten water, water en nog eens water en ik heb mijn adem maar ingehouden.. Als een stel verzopen apen gingen we uiteindelijk van boord. En het was zo koud. Alles was wit en nat, en mijn mascara liep troosteloos over de rest van mijn gezicht, waarop de Amerikaan grijnzend een ‘very sexy’ mompelde. ‘Thanks’.. de volgende keer mag jij weer als eerste voorop het ijzeren bruggetje als het water nog eens hoog staat. .. ik kon me inderdaad zo verenigen met de talloze raccoons die ik in het park rondscharrelden. Die hebben ook van die mooie zwarte kringen. We kleedden ons om in één van de badkamers van het park, en besloten de gele el practico bus naar het centrum van Puerto Iguazu te pakken. Die avond, hebben we gezellig zelf pizza gemaakt in de grote buitenkeuken achter in de tuin van het hostel en caipirinhas gedronken in de kleine bar daartegenover.


Puerto Iguazu is klein en rustig, en we zaten gelukkig niet in het hoogseizoen, dan stroomt het er namelijk vol met Amerikaanse toeristen en moet je plekje reserveren. Nu hoef je niks uit te zoeken van te voren, en dat is opzich wel fijn maar….
… wat we wel beter hadden moeten uitzoeken, achteraf gezien, is hoe je vanuit Paraguay terug in Argentinië komt zonder al teveel ‘hassle’. We hebben vanuit Puerto gewoon een 5 peso/ one euro ride naar Ciudad del Este genomen. En dat kan. De bus stopt bij de grens, wacht op je om de migratierompslomp te voltooien en dan kan je weer verder. Ik zou met het Ierse stelletje, Cris & Liz gaan, omdat hun camera kapot was gegaan en ik Paraguay in de bordertown ‘Ciudad del Este’ daar goedkoop aan een nieuwe kan komen. Het stel spreekt geen Spaans dus ik zou het wel even afhandelen met de Paraguayos..
Argentina uit ging wel maar toen Paraguay, en god wat een grens.. ik heb nog nooit zoiets gezien.. Ik wist werkelijk even niet meer wat ik moest doen toen de bus gewoon het land binnentufte zonder te stoppen voor onze stempels.. In feite waren we dus enkele uren illegaal in Paraguay, maar dat maakt blijkbaar daar niet uit vertelde iemand me achteraf. We zijn maar wel dicht bij de grenzen gebleven, snel onderhandeld over een nieuwe camera en zijn via de brug terug de grens overgelopen. Via Paraguay wilde we eruit om de in- stempel te halen, en vervolgens ook de uit- stempel, maar we moesten via Brazilië te voet naar binnen en hebben we vanuit Foz do Iguassu de bus naar Puerto Iguazu gezocht.. en gevonden.
Wat een dag.. En met Nephila, de strot van de duivel, en de tropische regenbuien bedenk me dat ik alle tropische natuur geweldig mooi vind, maar misschien zonder mij. Ik ben niet zo’n jane in the jungle.. ik hou niet van groene zakkenbroeken, kroeshaar, apen en regenbuien en muggen en de nephila met haar gouden web… Waar ik wel van hou zijn de bananen en ananassen bij het ontbijt de samba en de caipirinhas en de zodat je alle impressies, bordercrossen en het wildlife rustig kan verwerken..
Next stop will be Salta Argentina, naar de gekleurde bergen, de Gauchos en de Pampas…

Hasta pronto x

miércoles, 5 de mayo de 2010

Santa Maria del Buen Ayre...!


Por fin..Por fin....!

Eindelijk heb ik een beetje tijd gevonden om iets op het virtuele rode papier te kunnen neerschrijven over het turbulente leven in Buenos Aires. Alhoewel de vlucht lang duurde en ook niet geheel probleemloos verliep ben ik vanaf de Argentijnse Airport Ezeiza in een adembenemende draaikolk terechtgekomen waar ik zo’n 7 dagen niet uit heb kunnen stappen. Mi Dios wat een stad, ongelofelijk..! Buenos Aires lijkt onvermoeibaar, ze prikkelt alle zintuigen, het schuimt en het bruist, het zindert, ontroert, het raakt je en sleept je meedogenloos mee. Deze stad slaapt nooit..

Op deze zonnige doordeweekse dag werd ik afgezet voor het kleine hostel in de schilderachtige wijk San Telmo. Daar waar ooit de allereerste tango werd gedanst op een hoekje van de straat, daar waar je jezelf makkelijk laat inpalmen door het zingende accent van de porteños, en daar waar kleine boetiekjes vol fijne dansschoenen je de ogen uit doen kijken. In het hostel was het aardig rustig, en kreeg ik een eigen kamer met balkon met hemelsblauwe luiken, bloemetjesbehang en een grote goudkleurige spiegel. Ik wilde hier nooit meer weg. De schilderingen op de muren maakten het gebouw tot een museum en het barretje bovenin was tot in de late uren gezellig bevolkt met mensen uit allerlei landen. In de zomerse namiddag zocht mijn weg door de stad, en tegen zessen liep ik richting Puerto Madero om Maria te ontmoeten. De hele avond konden we niet stoppen met praten. Het deed deugd. We spraken af om Koninginnedag te vieren met de Nederlandse ambassade in een modern café in de stad voordat Maria naar Ushuaia zou vliegen; het einde van de wereld. Het was iig een gezellig feest. De rest van de dagen in de metropool ben ik onder andere op stap gegaan door de yuppen wijk Palermo met Milou, heb ik samen met twee gezellige Brabantse meiden de trein gepakt naar Tigre; de delta van de rivieren Uruguay en Paraná dat bestond uit allerlei eilandjes die je alleen per boot kan bereiken. Het was een geslaagde middag, tot dat me even de schrik om het hart sloeg toen twee honden plotseling opdoken die waarschijnlijk met ons wilden spelen, en daarbij net niet mijn hand grepen. We voegden ons snel bij een groep Braziliaanse toeristen die ons aanraadden een stokken te pakken en gewoon rustig door te wandelen. Zo liepen we bewapend (snel) verder door de jungle en zijn we enkel onze fles water verloren.
Ook het weekend was zinderend. Zaterdag 1 Mei was de dag van de arbeid, en daar op de Plaza de Mayo waar de moeders de wekelijkse demonstratie hun verloren kinderen herdenken, bedwong de stad deze dag zijn emoties. Tenminste, dat leek zo want met een Canadees ben ik naar de paardenraces geweest in Viejo Palermo, en daar doemde de chaos weer op in de vorm van tierende Argentijnen die veelal op het verkeerde paard hadden gewed. Het winnende paard van de grote prijs van Argentina was lucky number 7, een jonge merrie met de naam studentessa. Ik had met haar te doen. ’s Avonds was werkelijk’ incroyable’ zoals Emely dat zou zeggen. Volledig in stijl, dansten we de tango in een oude balletzaal in het hart van de stad, en hebben daarna van de aangrijpende tangoshow genoten. Het was prachtig, geen woorden voor.
Zondag was weer zo speciaal maar compleet anders, en eigenlijk verdient het een aparte pagina. ’s Ochtends ging in naar het museum van Evita Perón en heb ik de bus gepakt naar La Boca, de typische buurt van Buenos Aires. Niet eens van de veiligste, er woont veel arme bevolking maar het heeft karakter. La Boca staat bekend om haar muurschilderingen en gekleurde huisjes en het voetbalstadion van Boca Juniors dat ooit de club van Maradonna was. Die avond werden we met een bus opgehaald om naar het stadion te rijden met enkele mensen, voor de wedstrijd tussen de Boca Juniors en Club Independiente Argentina. Allemaal gekleurd in het geel en blauw, de kleuren van de club. De legende gaat dat de club de kleuren zou kiezen van het eerste zeeschip dat ooit in de haven van Buenos Aires aankwam. De eerste boot was Zweeds. Onze gids Paola, was denk ik dat wat je bij de Argentijnse vrouw moet voorstellen. Een hese stem, snelle bewegingen, donkerrode lippen en een getekend gezicht. Ze verbood ons om ook maar iets uit te halen wat riskant is en dat zij altijd voorop door de menigte moest lopen. Ik geloofde haar meteen. Het was bijzonder om zoiets in een voetballand als Argentinië mee te maken, de sfeer was adembenemend en het is alleen al fascinerend om te zien hoe de Argentijnse legioen opgaat in het spel. Er werd gezongen, gescholden, gefloten en gesprongen. Alhoewel Independiente alles uit de kast had getrokken, wonnen de Bocas , en we reden door naar een kroeg in de betreffende barrio zelf voor Pizza, birra... y faso.. zoals het hoort. In de bus naar La Boca had ik een erg boeiend gesprek met een Argentijnse jongeman met bruine krullen die erg geïnteresseerd was in een specifiek soort plant die in Nederland legaal is. Ik was andersom geïnteresseerd in de zuid Amerikaanse bloemen en planten. Het was een interessant gesprek. Met het stel meiden keerden we keerden terug naar het hostel met het briefje met zijn naam veilig in mijn zak gestopt. Hij had wel hele mooie ogen.
Die nacht, het moet rond 1.30 zijn geweest, besloten om een kaartje te kopen voor de boot naar Uruguay. En ik pakte ’s nachts mijn spullen bij elkaar. Met pijn in mijn hart weliswaar door de gedachte dat ik het liefelijke hotelkamertje in Ayres Porteños zou gaan verlaten...

Puur vergane glorie; Colonia de Sacramento - Uruguay
En toen waren we net op tijd…of beter gezegt; kantje boord. Met de Eladia Isabel – het grote en trage ferry schip met een veel te mooie naam – doorkruisten we die ochtend om 9.30 de Rio de Plata op weg naar het land aan de overkant. Het was mistig maar toen we de Uruguayaanse kust naderden was de stilte het eerst wat ons opviel. De stad, Colonia del Sacramento was werkelijk precieus. Als je ooit een foto van Cuba hebt gezien ben je in staat ook een beeld te maken. Er waren bouwvallige koloniale huizen, hobbelige straatjes, oude stoeltjes en tafeltjes, antieke brommers, motors en automobielen. Eigenlijk was alles hier oud en vervallen. Rond 1680 stichtten de Portugezen de stad Colonia en gebruikten het als smokkelroute om goederen over de Rio de Plata, Buenos Aires binnen te krijgen. Je kan je precies voorstellen hoe het moet zijn gagaan. De tijd heeft hier werkelijk stilgestaan. Maar het was goed om even aan het prikkelende Buenos Aires te ontkomen. Hier kon je tenminste even stilstaan, denken en ademen. Het hostel Colonial - How original -, dat we op de route door de stad troffen was eveneens geheel in stijl. We sloten een deal met de vrouw des huizes, en voor een paar dollars deelden we een pittoresk kamertje met grote ramen in het pensionnetje. Het deed me denken aan het Portugese vakantiehuisje waar ik ooit ben geweest. Bijna alles was bedekt met mooie bloemen en In het midden lag een patio met paardenspullen en fietsen die we mochten pakken. Uruguay was gemoedelijk. De mensen praten er langzaam en zijn vriendelijk ook is er genoeg om te ondernemen. De volgende dag, in de haven nam ik afscheid van de twee lieve meiden, Emily en Jessie. Ook dat is reizen. Ik ging alleen terug naar Buenos Aires om die avond de bus van het Retiro station naar Puerto Iguazu te nemen..

And so it is.. daar zit ik dan. Ook al duurt de reis nu nog 10 uur. Ik ben blij dat ik zit. Dat ik kan lezen en schrijven en alle impressies van deze week kan overpeinzen. Ik word hier ongelofelijk gelukkig van ondanks dat ik soms wel het gevoel heb dat ik op de proef word gesteld. Zoals de vulkaan die me mijn plannen deed omgooien, dan één van de vliegtuigmotoren die uit was gevallen waardoor we een extra stop in Brazilië moesten maken, de hond die uit het niets op me afkwam, de creditcard dier eerst niet werd geaccepteerd in de haven, terwijl ik bleef aandringen dat hij het wel deed wat uiteindelijk ook zo was.. en dat het platform van de bus van Via Bariloche naar het noorden maar niet op het bord verscheen waardoor ik hem op drie minuten voor vertrek zelf tussen de talloze perrons eindelijk ontdekte… maar goed dat soort momenten zullen zich nog wel vaker voordoen en toch, je doet het toch wel maar weer. Als ik naar buiten kijk zie ik dat het land veranderd en de rotsen richting Misiones langzaam rood kleuren. 'Dat wordt geen witte broek' denk ik dan meteen ;). Ik ga naar Puerto Iguazu; daar waar de enorme watervallen een gat slaan op de grenzen van Brazilië, Argentinië en Paraguay. Vamos a ver..

Liefs uit Argentina,

Eva

jueves, 22 de abril de 2010

24 is...Ready for Take-Off!


'24 is het aantal uren in een dag, 2 x 12 (het getal van de perfectie), het aantal cycli in het chinese zonnejaar, het aantal boeken in de Tenach, gewoonlijk het aantal tanden in de mond van een menselijk kind, het aantal karaat van zuiver goud, het aantal letters in zowel het modern als het klassieke Griekse alfabet, het aantal hoofdstukken of "boeken" van Homerus' Odyssee en Ilias, het totaal aantal van majeur- en mineur toonsoorten in Westerse tonale muziek; exclusief enharmonische equivalenten; Chopin's 24 Preludes en natuurlijk de 24 preludes en fuga’s in het Wohltemperiertes Klavier van Bach, de naam van een populaire Amerikaanse actieserie die exact 24 uur duurt inclusief reclame, Elvis's verjaardag, het aantal flessen in een standaard bierkrat' 20dag+4maand = 24, 10(/2)+8(/2)=24, 24 Maart = Eva!


I figured it out! Tenminste dat dacht ik. Ik ben ontiegelijk slecht met nummers en getallen 'maar toen die dag nam ik ze voor lief... Ze zijn namelijk niet toevallig. In de 6e eeuw v.C. maakte Pythagoras reeds gebruik van de leer der getallen en ze zijn eveneens van grote betekenis geweest voor de Mixteken, Zapoteken. Azteken en Maya's. Natuurlijk, volledig berust op deze berekeningen had ik een plan geschetst. Nou ja, min of meer want na het ongeveer (vierentwin)tig keer kijken van Motorcycle diaries was het sommetje snel gemaakt. Ik kan er niet langer omheen; I’m 24 en het is tijd om dromen te realiseren.
Ik zal jullie niet langer vervelen met onzinnige informatie, maar op de magische datum van 20 april 2010 zou (20/4 dus),- Atención; ZOU - ik eigenlijk naar de nieuwe wereld vertrekken, daar waar menig ontdekkingsreiziger vele eeuwen terug ook voet aan de grond zette. Alleen jammer dat de goden het vuurwerk voor me op deze magische dag hadden geregeld. Een vulkaan? Dat had nou ook weer niet gehoeven.. Dus (pas) om 00.10 kreeg ik het tragische bericht van de BAeService:

"Flight BA0441 on 20 Apr AMS-LHR has been cancelled.Our apologies"

In zak en as zat ik - letterlijk en figuurlijk - maar veel tijd om over na te denken had ik niet.. ik moest het turbulente weekend nog verwerken..na dagenlang buienradar en windkaarten, en andere meteorologische informatie op mijn kamer te hebben aangezet -het leek het KNMI wel- kwam er nog een te gek feest. Zondag de18e kwam er verrassend genoeg een Portugese reiziger die vanuit Denemarken, via Duitsland op station Nijmegen in beeld, om vervolgens in op een mooie lente avond in het Groesbeeks dorpscafé door te brengen. Het werd al veel te snel de 19e en, acht 's ochtends zaten we in de trein naar het zuiden, hij ging door naar België, en ik strandde ergens vlakbij Rotterdam en kwam ik veel te laat thuis. 'How Bizarre...' en ik moest natuurlijk al mijn spullen nog pakken.
Maar goed, ik heb een week om mezelf bij elkaar te rapen en ik ga natuurlijk toch gewoon volledig in stijl in de voetsporen van el Ché. Mijn rode koffer heeft plaatsgemaakt voor een rode backpack en ik zal landen te Buenos Aires, het startpunt van mijn reis. Ik ga naar Uruguay en een stukje Brazilië, terug naar het Westen, en - 'maybe I'm crazy',- te paard de Andes over richting het Zuiden van Chili, district Lagos Frías. Vanaf Santiago de Chile vlieg ik eind Mei naar Bogotá, Colombia, en dan reis ik door naar het noordelijkse punt van het continent; Cartagena de Indias. Vanuit hier neem ik voor de verandering de zeilboot naaar Panama via de San Blas eilanden. Vanaf de bakermat van de Reggaeton wordt het voornamelijk de bus door Centraal Amerika en het Mexicaanse schiereiland Yucatán via Acapulco naar Mexico stad. Al moet er wel helaas een stukje Argentina geschrapt worden door de IJlandse puist.
Misschien nog wat (kleine) geruststellingen; ik vlieg niet met AirFrance, ik zal liever een paar pesos meer uitgeven voor een fatsoenlijke bus en/of chauffeur) en ook niet meer m'n migratie papieren kwijtmaken. Tevens zal ik ook niet snorkelen zonder instructie noch surfen als je net je een manicure hebt ondergaan, en nooit meer ontbijten met een piñacolada op een boot, en ik neem ook niet te veel (schoenen) mee, tenminste, ik zal het proberen. Bovendien heb ik ook niet echt de ambitie om me bij de FARC aan te sluiten...
...maar wens me toch maar wel succes. En misschien een tip voor de creatieve mensen; je mag me uitknippen en plakken op je wereldbol, maar wel netjes langs de lijntjes, ik kan namelijk niks missen. Het eerstvolgende nieuws komt de 27e vanuit de stad der tango; Buenos Aires, Argentina..




Un Abrazo,
Eva